Zoom- en ruigtevegetaties

Kenmerken

Onder ruigte verstaan we een hoog opschietende overjarige, laatbloeiende vegetatie van kruiden waarin in het algemeen minder grasachtige soorten voorkomen. Komt o.a. voor in en langs de randen van bosplantsoen en watergangen. Wordt 2x per gemiddeld drie jaar gemaaid en afgevoerd. Bij dreigende verhouting eerder ingrijpen. Van belang voor met name de kleine fauna.

Opmerkingen

Soortenrijkdom zo mogelijk nog wat verder vergroten. Eén keer per jaar de harde kanten steken.

Toepassingen

Dit beheer heeft betrekking op zogeheten overstaande vegetaties, dat wil zeggen begroeiingen die niet jaarlijks gemaaid worden, maar een jaar of langer blijven staan (‘overstaan’). Het is wenselijk dat deze beheergroep langs bosplantsoen meer wordt toegepast, bij voorkeur in afwisseling met hooiland 1x maaien en afvoeren (zie boven) volgens een roulerend maairegime. Dit zal er namelijk toe leiden dat ook in de grazige en kruidachtige vegetaties de structuurvariatie toeneemt, waardoor er voor meer soorten (planten en dieren) geschikte leefomstandigheden ontstaan.

In sommige gevallen kan het nodig zijn om in de ontwikkeling van de ruigtevegetaties in te grijpen, omdat een of enkele soorten dominant worden of de vegetatie verbost. In het eerste geval kan besloten worden enkele jaren achtereen wél te maaien.